LeidenLive.tv

Voor Leidenaars, door Leidenaars. | NIEUWS | FOTO’S | VIDEO’S | LIVESTREAM |

Alex en Eric Barnas ”Samen rugbyen is het mooiste wat er is”

Leiden, 7 mei 2018. Met je broer samen in de ereklasse rugby spelen, dat is toch wel bijzonder. Het is Alex (29) en Eric (27) Barnas gelukt. Niet dat dat het aanvankelijke streven was, maar het is wel een mooie samenloop van omstandigheden. Beiden spelen ze inmiddels ruim tien jaar bij DIOK, de Leidse rugbyclub die dit seizoen in de top 3 van Nederland speelt.

 

Geboren op het rugbyveld
“Je kunt wel zeggen dat we op het rugbyveld geboren zijn”, begint Alex, de oudste van de twee. “Mijn vader rugbyde al, dus we hebben het wel met de paplepel ingegoten gekregen”. “Toch is het niet de enige sport die we gedaan hebben”’, vult Eric aan: “We hebben ook aan wedstrijdzwemmen gedaan en gevoetbald tot ons twaalfde. Dat is het moment dat teams weer heringedeeld worden en zit je ineens in een team zonder je vrienden. Een mooi moment om te gaan rugbyen bij rugbyclub Gouda. Het bleek ook veel meer mijn sport”, gaat hij verder: “Alex was beter in zwemmen dan ik, maar ik had meer de bouw voor rugby”. Eenmaal begonnen met rugby, was er geen weg meer terug. De passie voor het spel met de karakteristieke ovale bal was aangewakkerd.

 

Jong oranje
De jongens bleken over talent te beschikken. Beiden hebben in de verschillende jong oranje selecties gezeten en Nederland vertegenwoordigd op EK’s. Al snel werd duidelijk dat, als ze hun rugby carrière serieus namen, ze een nieuwe club moesten zoeken. Gouda speelde destijds derde klasse, maar als je echt verder wilde in het rugby dan moest je minstens eerste klasse of ereklasse spelen. Toen kwam Leiden in beeld. “Ik kende DIOK al, want ik had een jaar geclusterd met de colts, de oudste jeugd”, legt Alex uit: “De overstap was dan ook logisch”. Eric volgde later. “Ik ben natuurlijk jonger, dus speelde ik een jaar langer bij de jeugd van Gouda. Als 17-jarige ben ik bij Diok naar boven gedispenseerd en zat ik weer bij Alex in het team. Ik heb ook nog even overwogen om naar HRC in Den Haag te gaan, waar veel van mijn teamgenoten uit jong oranje zaten, maar DIOK was toch meer mijn club.”

 

Combinatie van topsport en werk
Ook al spelen ze al ruim tien jaar in de top van het Nederlandse rugby, de broers zijn nog steeds bevlogen als ze het over hun favoriete sport hebben. Het bepaalt dan ook een groot deel van hun leven. ”Eigenlijk bestaat mijn week uit rugby en werken”, begint Alex: “Het is gewoon heel belangrijk voor me. Gelukkig kan ik mijn werk als technisch applicatiebeheerder redelijk flexibel invullen, wat alles weer wat makkelijker maakt”. Voor Eric is dat lastiger. Hij werkt als hoofd operator bij een frisdrank producent. “De ploegendiensten gooien nog wel eens roet in het eten, weinig slapen is dan wel een van mijn oplossingen, maar misschien niet altijd de beste”, lacht Eric.

 

Het basisniveau is daar zo veel hoger
Anders dan in Nederland was de rugbybeleving in Nieuw-Zeeland, waar Eric de kans kreeg om een jaar mee te draaien met het 1e team van de Saracens in North Canterbury. “Eigenlijk dezelfde opzet als wij hier bij DIOK hebben met onze internationale spelers. Voor onderdak en werk werd gezorgd en daarnaast kom je uit voor de club die jou heeft geholpen. Interessant aan de buitenlandse stage was dat het basisniveau van de teams daar veel hoger ligt. Wat hier voetbal is, is daar rugby. Iedereen doet het. Op de meest afgelegen plekken zie je van die rugbypalen staan. Geweldig is dat.” Eric wordt zichtbaar enthousiast bij het vertellen over zijn buitenlandse avontuur nu zes jaar geleden. Hij denkt een beetje met weemoed terug aan die tijd: “Zo’n tussenjaar is echt bepalend voor mij geweest. Ik ben veel beter gaan relativeren en rugbyen ook trouwens.” Hij raadt dan ook alle jonge spelers aan om zo’n kans te grijpen als die zich aandient. “Je kan dat het beste doen als je net van de middelbare school af komt, voor je gaat studeren. Vaak weet je dan toch nog niet precies wat je wil en als je dan rugby kan combineren met werken in een vreemd land, dan groei je daar persoonlijk echt enorm van.”

 

Je traint om te kunnen spelen
Persoonlijke groei heeft Alex in de Nederlandse competitie ook doorgemaakt. Helaas is zijn huidige seizoen een pechseizoen. Terwijl DIOK het geweldig doet in de nationale ranglijst kreeg hij te kampen met twee serieuze blessures. Eerst verrekte hij zijn kniebanden en later brak hij zijn ribben. “Al met al heb ik niet zoveel wedstrijdtijd gekregen als ik zou willen. Maar ik ben weer helemaal fit en ga er volledig voor. Dit seizoen heb ik ook redelijk wat meegespeeld bij het tweede team van DIOK, wat betekende dat ik vaak twee dagen per weekend met rugby bezig was”. Ook Eric heeft dit seizoen in het weekeinde wel eens twee wedstrijden gespeeld. “Uiteindelijk train je om te kunnen spelen. Als je dan niet aan genoeg spelminuten in het eerste komt, dan is het toch super dat je mee kan doen met het tweede? Natuurlijk willen we het allerliefst in het eerste spelen, maar spelen in het algemeen vinden we het belangrijkst”, vervolgen de broers.

 

Groeien naar het eerste team
Dat je niet zomaar in het eerste team van een ereklasse club terecht komt is niet voor iedereen altijd even duidelijk. “Toen we naar Leiden kwamen zijn we begonnen in het tweede team. We hebben twee tot drie jaar moeten knokken om een basisplaats in het eerste team te veroveren. “De opstap van de colts naar de senioren is niet makkelijk. Je komt fysiek te kort en de wedstrijden zijn veel zwaarder. Het gaat je niet in de koude kleren zitten, maak je borst maar nat”, waarschuwt Eric jonge aankomende senioren. De broers zijn het eens dat ze die twee jaar ook echt wel nodig hadden om te wennen aan het niveau, ondanks dat ze als jeugdspelers op het hoogste niveau meespeelden.

 

Samen met je broer spelen is het mooiste dat er is
Op de vraag of ze het wel leuk vinden om altijd maar met elkaar in het team te zitten moeten ze lachen. “Dat is juist geweldig, mijn broer is mijn beste vriend”, vertelt Alex enthousiast. “We zijn zo op elkaar ingespeeld, we weten elkaar feilloos te vinden”, vult Eric hem aan: “Samen met je broer spelen is het mooiste wat er is.” Rugby heeft de broers veel gebracht. Niet alleen is het de meest fantastische sport, het heeft ook veel vriendschappen en levenservaring opgeleverd. Ook was er een periode van onderlinge rivaliteit: “Altijd beter willen zijn dan je broer, die onderlinge competitie, dat is toch mooi? Alex had dat andersom ook hoor!”, lacht Eric.

 

Zorg dat je geniet en zoveel mogelijk speelt
Tips voor jonge talenten hebben de broers nog wel. Eric raadt ze aan om vooral van het spelen te genieten. “Zie het als een privilege, dat je lekker veel mag spelen. Zelfs als het twee dagen in het weekend is. Ik zie jongens die dat niet zien zitten, ook prima, maar als je verder wil komen moet je zoveel mogelijk spelen”. Alex vult dat aan: “Geef vooral nooit op. Je zult tegenslagen te verwerken krijgen, maar gooi dan niet het bijltje erbij neer. Zet je schouders eronder en ga door. Als je echt iets wil, gaat het je uiteindelijk wel lukken.”

Zowel Eric als Alex beamen niet snel tevreden te zijn: “Eigenlijk gaan we altijd voor een tien. Als je dan een acht haalt is dat ok. Maar ga je voor een acht, dan eindig je met een zes. Doe het goed of doe het niet, dat is hoe wij er in zitten.” Dat de heren het goed doen bleek in de laatste wedstrijd tegen RC Hilversum. Beiden speelden een goede wedstrijd en Alex scoorde zelfs een try. Het eerste team van DIOK komt dit jaar niet meer in actie, maar de Barnas broers gaan er volgend seizoen weer helemaal voor!

 

Foto’s:            Els Barnas
Tekst:             Welmoet Lugt

LeidenLive.tv © 2018